
Wet bodembescherming
Artikel 8
1
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van de bescherming van de bodem regels worden gesteld met betrekking tot het uitvoeren van werken op of in de bodem, waarbij ingrepen worden verricht of stoffen worden gebruikt, die de bodem kunnen verontreinigen of aantasten.
2
Hiertoe kunnen behoren regels met betrekking tot:
a
grond- en funderingswerken;
b
bodemonderzoek;
c
de aanleg van pijpleidingen of andere leidingen;
d
het aanbrengen van opslagtanks of reservoirs;
e
ontginningen, ontgrondingen of ontgravingen;
f
diepe grondbewerking;
g
werken in het kader van ontwatering, bronnering of grondwaterwinning.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.